Een verhaal van BRIC- en MINT-landen

Door Filip Abraham, professor internationale economie aan Vlerick Business School en KU Leuven

Ben je nog altijd onder de indruk van het succesverhaal van de BRIC-landen (Brazilië, Rusland, India en China)? Jammer. Vandaag zijn het de MINT-landen (Mexico, Indonesië, Nigeria en Turkije) die de beleidskenners wereldwijd warm doen lopen. Is deze plotse belangstelling voor de MINT-landen terecht? Vormen zij de toekomst van de wereldeconomie? Zijn de BRIC-landen bijna aan het einde van hun Latijn?

Het klopt dat de BRIC-landen de grootste moeite hebben om het snelle groeitempo van de laatste tien jaar vol te houden. Dat is ook geen verrassing als je kijkt naar wat je de wet van de hoge percentages in groeiberekening zou kunnen noemen. Eenvoudig gezegd: landen kunnen hetzelfde hoge percentage van jaarlijkse groeicijfers niet aanhouden wanneer hun niveau van economische ontwikkeling erop vooruit gaat. Want bomen blijven nu eenmaal ook niet oneindig hoger groeien.

In essentie botsen de BRIC-landen op de grenzen van wat initieel aan de basis van hun succes lag. Alle landen van deze groep zijn in meer of mindere mate afhankelijk van export als motor voor hun expansie. De grote recessie van 2008-2013 zorgde voor een drastische daling in de groeicijfers van de VS en Europa. Dat was ook voor de BRIC-landen die hoopten op een snelle exportgroei, een streep door de rekening. Bovendien konden verschillende BRIC-landen profiteren van lage loonkosten en een ondergewaardeerde wisselkoers in de beginperiode van hun opkomst. De snelle groei van hun economie zorgde geleidelijk aan voor een uitholling van die kostenvoordelen. Om maar één bekend voorbeeld aan te halen: China is niet langer de meest populaire bestemming voor productiebedrijven op zoek naar lage loonkosten. 

De grootste uitdaging voor de BRIC-landen bestaat er in om hun exportgedreven strategie om te buigen naar een groeimodel dat meer in evenwicht is. Brazilië en Rusland zullen hun afhankelijkheid van de export van energie en grondstoffen moeten afbouwen. China en India moeten de kwaliteit en het technologische aspect van hun goederen en diensten verbeteren. De binnenlandse consumptie moet een grotere rol gaan spelen bij het genereren van economische groei. De BRIC-landen vinden het moeilijker dan verwacht om een structureel nieuw evenwicht te vinden in hun groeimodel.

De MINT-landen vertonen daarentegen een aantal kenmerken en gunstige omstandigheden die eerder aan de basis lagen van de groeispurt in de BRIC-landen. De MINT-landen profiteren ook van hun strategische geografische ligging. Mexico sluit nauw aan bij de Amerikaanse markt en een toenemend aantal Amerikaanse bedrijven verkiest om hier te investeren, eerder dan in de verre Aziatische landen. Nigeria plukt de vruchten van een nieuwe dynamiek op het Afrikaanse continent. Turkije vormt de brug tussen Azië en Europa en is voor heel wat Europese topbedrijven een favoriete locatie om te investeren. Indonesië is een essentieel onderdeel van Aziatische regio en het gebied rond de Stille Oceaan als middelpunt van groei.

Zullen de MINT-landen erin slagen om in de voetsporen van de BRIC-landen te treden en een langdurige periode van grote groei te kennen? Dat valt nog af te wachten. Net zoals de BRIC-landen voor hen zullen de MINT-landen het juiste klimaat voor duurzame economische groei moeten kunnen bewaren. Daarbij spelen een mix van factoren een rol: institutionele en politieke stabiliteit, een aanmoedigend overheidsbeleid, ondernemerschap, voldoende goede infrastructuur en gemotiveerde arbeidskrachten. Als de MINT-landen deze elementen in de juiste verhoudingen kunnen combineren dan zullen ze een grote bijdrage leveren aan de toekomstige wereldwijde economische groei.

Ondertussen zou het niet verstandig zijn om de BRIC-landen af te schrijven. China heeft immers net de VS van de troon gestoten als het grootste exportland ter wereld en kan niet anders dan in de nabije toekomst uitgroeien tot de grootste economische macht. Voorspellingen van de Wereldbank en Goldman Sachs plaatsen China, India, Brazilië en Rusland in de top 6 van economieën met het hoogste BBP in 2050. Zelfs als deze voorspellingen overdreven optimistisch zouden blijken, dan lijdt het nog geen twijfel dat de BRIC-landen blijvers zijn.

Gerelateerd nieuws

  1. Vlerick – een stand van zaken

    Datum: 15-07-2015
    Categorie: Opiniestukken
    In het kader van de Talent partnership met Vlerick Business School had OnlySalesJob de eer om Philippe Haspeslagh te ontvangen in hun kantoren. Ze hebben van de gelegenheid gebruik gemaakt om hem enkele vragen te stellen over business-scholen, onderwijs en ondernemen in België.
  2. Ahold Delhaize en het verankeringsdebat

    Datum: 29-06-2015
    Categorie: Opiniestukken
    De fusie van Ahold en Delhaize tot Ahold Delhaize is een feit. Volgens het persbericht van de groep ontstaat een wereldwijde speler met een netto-omzet van € 54,1 miljard, 50 miljoen klanten, 375.000 werknemers en 6.500 winkels in Europa, Amerika en Azië. De synergievoordelen van de fusie worden op € 500 miljoen per jaar geraamd. Het hoeft niet te verwonderen dat de betrokken ondernemingen enthousiast zijn en de beurskoers positief reageert. In ons land worden de hoera-berichten over de fusie eerder met gemengde gevoelens onthaald. Het traditionele debat over de Belgische verankering lijkt terug van nooit geweest.
Alle artikels