De prijs van de moderniteit

Een verhelderende kijk op de oorsprong van moderne terreur

Door Ralf Wetzel, Associate Professor for Organization & Management aan Vlerick Business School

De bloedige komst van Al-Qaeda en – recenter nog – de zogenaamde Islamitische Staat heeft al heel wat verhitte discussies doen losbarsten over de factoren die de moderne terreur veroorzaken en aanwakkeren. Religie, en dan vooral een fundamentalistische interpretatie van de islam, is tot op vandaag de hoofdverdachte. De verbreiding en versterking van de islamitische basisprincipes lijken een voor de hand liggende oorzaak, maar zijn niettemin een kortzichtige verklaring. Religie speelt zeker een rol, maar niet meer of minder dan de moderne politiek, de wetgeving en de massamedia. De moderne terreur vertelt ons immers veel meer over de structuur van de moderne samenleving en de neveneffecten van de al te eenvoudige voorstelling die we dagelijks toepassen, dan over de radicale trends in religieuze overtuigingen. Het is tijd om verder te kijken dan de alom aanwezige simplificatie, en te begrijpen wat daarachter schuil kan gaan.

Het einde van een gestructureerde wereld

In de afgelopen vijftien jaar werd het Westen meer dan ooit gedwongen om te beslissen over politieke en militaire interventies tegen de achtergrond van een voortdurend risico op rampscenario's. De Verenigde Staten willen niet meer wegzinken in het moeras van Irak of Syrië, terwijl de maatregelen die ze nemen slechts een beperkte impact hebben. Europa wordt gedwongen om te beslissen of het wapens zal leveren aan de Koerden, terwijl het niet weet aan welke zijde van het front ze uiteindelijk zullen worden gebruikt. Het Kremlin steunt lokale dictators, terwijl het maar al te goed weet dat dit zijn regionale invloed op lange termijn kan ondermijnen. Op de een of andere manier dwingt de moderne terreur ons om de eeuwenoude verschillen naast ons neer te leggen, die ooit aan de basis lagen van de wereldindeling. Eeuwenlang was het tamelijk eenvoudig om een onderscheid te maken tussen Amerikanen en Russen, democratieën en gelaagde staten, arm en rijk, weloverwogen interventies en absolute chaos, het 'hier' van het Westen en het 'daar' van de conflictzones, neoliberalen en linkse aanhangers. Die structuur is voor de ogen van het Westen ineengestort, nu we getuigen zijn van de nieuwe strijd om Irak en de strijd tegen de Islamitische Staat. De klassieke wereldorde wordt keer op keer met de voeten getreden. Hetzelfde geldt – en dit is nog veel belangrijker – voor de morele code die goed en kwaad benoemt en van elkaar onderscheidt. Het is even complex als gevaarlijk om te blijven geloven in het beeld van een liberaal en verlicht Westen dat wordt bedreigd door tribale, fundamentalistische en primitieve staten, die tegelijk beschikken over een verbazingwekkend postmodern en alert militantennetwerk. Dit standpunt doet het probleem onrecht aan, en dus stel ik voor om de beschrijving ervan naar een ander niveau te tillen. We moeten verder kijken dan een wereldvisie die de wereld beschouwt als een biologisch lichaam waarin alles zijn plaats heeft en terreur niet meer dan een toevallige stoornis is, een soort van 'infectie' die wijst op een ziekte in het staatslichaam die moet (en kan) worden genezen. Deze metafoor helpt ons niet vooruit.

Het 'gebeuren' terreur en de structuur van de moderne samenleving

Terreur valt de moderne maatschappij aan en richt zijn pijlen daarbij op het geheel, niet op afzonderlijke delen. Volgens Peter Fuchs, een van de meest fervente en vernieuwingsgezinde aanhangers van de systeemtheorie van Niklas Luhmann, is het een soort van protest tegen de moderniteit, waarbij communicatie niet enkel wordt afgewezen, maar ook het einde ervan wordt meegedeeld. Terreur verwerpt communicatie en alle omringende maatschappelijke voorwaarden. Het meest angstaanjagende kenmerk van terreur is ongetwijfeld de 'blindheid', de doelloze en furieuze woede die doorgaans onschuldige mensen treft, individuen die helemaal niets te maken hebben met wat er 3000 km bij hen vandaan gebeurt, die niets 'verkeerds' hebben gedaan vanuit om het even welk standpunt. Die breuk, die meegedeelde beëindiging, is gericht op een maatschappij die volgens de Duitse socioloog Niklas Luhmann kan worden omschreven als een functioneel gedifferentieerde maatschappij. Deze maatschappij vormt een communicatienetwerk dat is opgebouwd uit heteronome domeinen, zoals economie, politiek, wetgeving, wetenschap, kunst of massamedia. Elk van deze functionele domeinen bestaat alleen uit communicatie, niet uit mensen, en elk domein voorziet in een specifieke functie (bv. schaarse goederen verdelen = economie, collectief bindende beslissingen nemen = politiek) voor de maatschappij en werkt autonoom. In tegenstelling tot de oudheid of de middeleeuwen, heeft de moderniteit zijn innerlijke hiërarchie verloren en speelt ze niet langer de bevoorrechte rol van unieke waarnemer, een functie die in het middeleeuwse Europa ook werd vervuld door de religie. De moderniteit heeft geen centrum. Functionele domeinen zoals economie, politiek, onderwijs, wetenschap en wetgeving hebben eerst de Franse en later de Industriële Revolutie in gang gezet, en hebben de hiërarchie van de ooit dominante lagen (aristocratie, gildes, slaven) vervangen. Door deze verschuiving ging nog een ander kenmerk van de gelaagde structuur verloren: de moderne samenleving heeft geen unieke vertegenwoordiging meer, geen overkoepelende instelling die voor de volledige maatschappij staat. In tegenstelling tot de middeleeuwen is er geen god (of zijn vertegenwoordiger op aarde in de persoon van de paus) tot wie de communicatie zich kan richten als de unieke vertegenwoordiging van de maatschappij. Iemand die we kunnen bereiken, die we een brief kunnen sturen. Er is met andere woorden geen directe toegang tot de moderne maatschappij: de functionele systemen van politiek of economie hebben geen homogeen en overkoepelend orgaan meer. Er is niemand met wie we contact kunnen opnemen, niemand bij wie we onze woede en frustraties kunnen ventileren. We kunnen enkel organisaties of individuen benaderen, die op zich nog altijd bereikbaar zijn. Maar de organisatie van de Europese Commissie, het State Department of het hoofdkantoor van McDonalds is geen volledig overkoepelende instelling van de maatschappij. We kunnen ze aanvallen, maar dan bereiken we enkel de Europese Commissie, het State Department of het hoofdkantoor van McDonalds en niet de maatschappij in haar geheel. Terreur deelt de moderne maatschappij mee dat ze niet wil communiceren met de maatschappij, maar deze boodschap bereikt nooit het beoogde publiek. De woede van de moderne terreur raast dan ook voornamelijk tegen het gebrek aan bereikbaarheid van de moderne samenleving, en steunt op het inzicht dat een directe aanval op de moderniteit helemaal niets oplevert. Omdat terreur geen contactpersoon vindt, worden substituten uit de omgeving van de functionele systemen aangevallen: onschuldige mensen en hun lichamen. Terreur speelt in de eerste plaats in op het feit dat de moderne samenleving bijzonder gevoelig is voor de aanblik van individuen en hun lichamen, en dat alle functionele systemen kunnen worden gealarmeerd door ze te confronteren met onschuldige doden. De wetenschap dat elk lichaam een doelwit kan worden, is een element dat bijna elk functioneel systeem van de moderne samenleving alarmeert. Die alarmering gebeurt indirect en haalt voordeel uit één specifiek functioneel systeem: de massamedia.

De rol van de massamedia

Er is een reden waarom terreur toch impact kan hebben, terwijl het doel ervan niet bereikbaar is. De moderne samenleving is een waargenomen samenleving, waarin functionele systemen elkaar onderling observeren. Het systeem van de massamedia is een van de voornaamste functionele systemen dat de samenleving voorziet in zelfobservatie. Dit systeem werkt voortdurend aan de productie van informatie, en dan vooral nieuwe informatie met een emotionele impact die mensen uit de omgeving van de functionele systemen kan raken. Het resultaat van terreur – de bloedende lichamen, de vernielde gebouwen en het algemene protest – voedt, samen met de woede van de aanval en de waarneembare onschuld van de slachtoffers, de massamedia als geen enkel ander systeem. Terreuraanslagen en hun nasleep kunnen niet worden genegeerd door de massamedia. Vanuit dit standpunt surft de terreur mee op de code van de massamedia, en is de terreur zelf 'modern'. De terreur kan er zeker van zijn dat het systeem zijn plaatsvervangende werk op lichamen zal omzetten in de sociale taal van de maatschappij: de politieke wereld kan de informatie niet negeren, die de massamedia de wereld instuurt. Hetzelfde geldt voor de wetgeving en de economie. Terreur, als een modern systeem op zich, en de massamedia zijn structureel met elkaar verbonden. Ze voeden en versterken hun wederzijdse behoeften, geven elkaar slagkracht. De massamedia zijn het raakvlak voor de terreur om de moderne maatschappij te irriteren. Zelfs de pogingen om een antwoord te bieden op terreur zijn dan onderworpen aan de logica van de massamedia, die in dat opzicht het doel van de terreur opnieuw voeden.

En … religie?

Dit werkt allemaal zonder te moeten terugvallen op religie, het systeem dat vandaag maar al te vaak wordt aangewezen als de bron van terreur. Toch kan religie even nauw verbonden zijn met terreur als de massamedia, door haar gelaagde interne structuur en het bestaan van formele vertegenwoordigers. Religie is een kopie van de verloren structuur van de gelaagde samenleving, of de samenleving waarnaar religieus geïnspireerde terreur verwijst. De gelijkenis tussen de interne structuur van religie en een gelaagde samenleving biedt de semantiek, de taal waarop terreur kan voortbouwen. Dit is echter geen uniek kenmerk van de islam: het is ingebed in zowat elke religie. Vanuit dit standpunt loopt elke religie dan ook het gevaar uit te groeien tot een bron of semantiek voor moderne terreur, in welke vorm dan ook.

Conclusie?

Het bovenstaande biedt niet veel hoop op een snelle oplossing. Terreur lijkt te zijn uitgegroeid tot een intrinsiek kenmerk van de moderne samenleving. Het kan enkel aan verandering worden onderworpen wanneer de structuur, de differentiatie van de moderne samenleving verandert. Er zijn echter niet veel aanwijzingen om aan te nemen dat dit in de nabije toekomst zal gebeuren. Misschien moeten we wel leven met terreur, ongeacht de interventiestrategie die we kunnen uitdenken. Niettemin moeten twee punten duidelijk worden gesteld. De moderne verschijning van terreur draait niet in de eerste plaats om religie. Terreur is de reactie op een sleutelkenmerk van de moderne samenleving, en religie is slechts een functioneel milieu dat terreur een gezicht geeft. Ten tweede kan terreur uitgroeien tot een afzonderlijk functioneel milieu in de moderniteit. Vanuit dit standpunt is terreur een neveneffect van de moderne differentiatie, die het voedt met zijn eigen middelen.

Gerelateerd nieuws

  1. Tijd om de clown terug te halen

    Datum: 08-06-2016
    Categorie: Opiniestukken
    Met de Panama Papers veroorzaakt modern management opnieuw een volgende morele ramp. Gek genoeg worden er amper lessen getrokken uit vorige schandalen. Volgens professor Ralf Wetzel zullen managementwetenschap en -praktijk geen soelaas brengen voor de crisis die de manager momenteel doormaakt. Er is nood aan een nieuw rolmodel dat de platgetreden paden van management verlaat.
  2. Geschiloplossing in de Belgische bedrijfswereld: tijd voor een wake-upcall

    Datum: 07-06-2016
    Categorie: Opiniestukken
    Uit een aantal enquêtes die de afgelopen vijf jaar zijn gehouden in Europa en de Verenigde Staten blijkt dat bedrijven steeds vaker in rechtszaken verwikkeld zijn. Wat wordt uitgegeven aan honoraria en andere proceskosten zijn opbrengsten die nooit zullen worden uitgekeerd aan aandeelhouders of geherinvesteerd in het bedrijf. Ook belangrijk is het negatieve effect dat procesvoering doorgaans heeft op zakenrelaties. Professor Barney Jordaan pleit voor bemiddeling als een betere manier om een bedrijfsgerelateerd geschil op te lossen.
Alle artikels