Energiesector moet verandering omarmen

Vier gamechangers die de sector drastisch veranderen

Door Professor Leonardo Meeus (Directeur van het Vlerick Energy Centre) en Daniel Dobbeni (Voorzitter van het Vlerick Energy Centre).

Download de white paper 'A wind of change is blowing through the power grid business'

“In tegenstelling tot heel wat andere sectoren, waren energienetwerken en in het bijzonder netwerken voor elektriciteit een toonbeeld van stabiliteit en voorspelbaarheid. Dat is niet langer zo”, zegt Daniel Dobbeni, voorzitter van het Vlerick Energy Centre. “Daarnaast was en is deze sector ook zeer divers”, vult professor Leonardo Meeus aan. “Wereldwijd zijn 16 bedrijven verantwoordelijk voor 70% van de vraag naar elektriciteit. In Europa nemen 41 bedrijven 100% van die behoefte voor hun rekening. De grens tussen een transmissienetwerk en een distributienetwerk voor het transport van elektriciteit ligt in België op 70.000 Volt, iets wat louter door regulering bepaald is. In Europa zijn er ruim 2300 distributienetbeheerders, waarvan het kleinste bedrijf slechts 1 werknemer telt.”

Deze energiesector staat nu voor heel wat nieuwe uitdagingen, maar ook nieuwe kansen. De liberalisering van de energiemarkt bracht niet alleen de stabiliteit aan het wankelen, maar zette ook een niet te stoppen stroomversnelling in gang. Van alle nieuwe trends en onzekerheden in de markt, zijn er vier die echt fundamenteel voor een revolutie binnen de sector kunnen zorgen.

GAMECHANGER 1: Technologie

Vergeet ‘smart grids’, ‘offshore grids’ en ‘super grids’. Een belangrijke technologische ontwikkeling voor de toekomst zijn ‘micro grids’. Deze (privé)netwerken laten consumenten en bedrijven toe om  zich volledig of gedeeltelijk los te koppelen van de huidige netwerkinfrastructuur. Die micronetwerken worden realiteit dankzij een aantal technologische ontwikkelingen waaronder lokale opwekking en opslag (bv. batterijen, elektrische wagens, of gewoonweg warmte).  

Om de impact van micro grids goed te kunnen begrijpen, moeten we even terug naar de traditionele discussie die op heden de sector domineert, nl. centrale versus lokale opwekking. Vroeger hadden we een zeer centraal systeem met grote elektriciteitscentrales (hydro, nucleair, kolen, gas) die op aanvraag (bijna) exact de noodzakelijke hoeveelheid elektriciteit opwekken voor het gebruik van dat moment. Deze entiteiten produceren elektriciteit op hoogspanningsniveau die daarna trapsgewijs naar beneden verdeeld wordt, tot op het niveau van de consument.

Met het snel groeiende aandeel van hernieuwbare energiebronnen in distributienetwerken gaat ook de decentrale productie snel in stijgende lijn. In het algemeen genereren decentrale energiebronnen elektriciteit die afhankelijk is van externe restricties die niet beïnvloed worden door het verbruik (bv. warmte-opwekking, zonne- of windenergie). Als gevolg daarvan stroomt energie van een distributienetwerk op sommige momenten van de dag terug naar het transmissienetwerk.

Hoe meer hernieuwbare energiebronnen verbonden zijn met lokale netwerken, hoe meer opslag van cruciaal belang wordt. Maar tegelijkertijd zou opslag een mogelijkheid kunnen zijn om minder afhankelijk te worden van de aansluiting op het publieke netwerk. Dat kan een aardverschuiving teweeg brengen, zowel op vlak van exploitatie van het netwerk als op vlak van tariefstructuur. Iets gelijkaardigs gebeurt nu al in bepaalde delen van Californië en het veroorzaakt een verandering van de regulering en het traditionele businessmodel van de energiesector.

Op vandaag bestaan er al micro grids. Typische voorbeelden zijn luchthavens, campings of havens. Zo hebben chemische bedrijven op hun site meestal gigantische privénetwerken waar ook andere bedrijven in de buurt van afnemen.

Het is afwachten hoe de publieke netwerken gaan reageren op deze nieuwe ontwikkeling en wat hun rol zal zijn in de toekomst. Ook bij privénetwerken moet immers iemand eigenaar zijn en het netwerk beheren. Alleen de toekomst zal uitwijzen wat voor de bestaande spelers de beste manier is om met dit nieuwe businessmodel om te gaan.

GAMECHANGER 2: Marktorganisatie

Door slimme netwerken, die lokaal de opwekking van elektriciteit beter zullen afstemmen op het verbruik, is het onderscheid tussen transmissie en distributie aan het vervagen. Nu er steeds meer opwekking decentraal gebeurt, worden distributienetbeheerders geconfronteerd met omstandigheden die zich tot voor kort alleen voordeden op transmissieniveau. Of anders gezegd: decentrale opwekking verhoogt de nood aan een betere coördinatie tussen distributie en transmissie.

Gelijktijdig stellen we een ander verschijnsel vast. Terwijl nationale energiesystemen steeds meer onderling afhankelijk worden, zien we nieuwe vormen van samenwerking tussen transmissienetbeheerders. Dat gaat van Coreso (een joint venture tussen vijf transmissiebedrijven die diensten leveren om het beheer van energiestromen over grenzen heen betrouwbaarder te maken) tot de fusie van de Belgische transmissienetbeheerder Elia met 50Hertz in Duitsland.

Hoewel distributienetbeheerders meer lokaal zijn, stellen we in Europa een evolutie richting schaalvoordeel en consolidatie op nationaal vlak vast, hetzij in beperkte mate. Daarnaast is er ook een tendens richting netwerkintegratie van gas, elektriciteit, water, verwarming en telecom. In Wenen bijvoorbeeld was er recent een fusie tussen het netwerk van elektriciteit en dat van gas, telecom en stadsverwarming. Distributie is immers inherent een lokaal gegeven waar je met lokale overheden moet samenwerken. Deze evolutie is vooral een lokaal distributiefenomeen en komt momenteel nog heel weinig voor op transmissieniveau.

Alles wijst er in elk geval op dat de manier waarop de energiemarkt georganiseerd is, drastisch gaat veranderen. In de beginperiode van de liberalisering zagen we vooral veel consolidatie bij elektriciteitsproducenten en retailers. De netwerkbeheerders zijn tot nu toe de dans ontsprongen, maar voor hoe lang nog... En als we uit andere sectoren één les kunnen trekken dan is het wel deze: eens het consolidatieproces gestart, gaat het vaak veel sneller dan iemand ooit had verwacht.

GAMECHANGER 3: Regulering

Zeer kenmerkend voor de energiesector is de doorgedreven regulering die direct of indirect voortkomt uit Europese en nationale wetgeving. Maar de dagdagelijkse beslissingen worden traditioneel genomen door de nationale autoriteiten. De oprichting van ACER (Agency for the Cooperation of Energy Regulators) is een mijlpaal voor de sector. Op vandaag heeft deze instelling tot op zekere hoogte echte beslissingsmacht. Wanneer bijvoorbeeld nationale autoriteiten het niet eens raken over de splitsing van de kosten voor een netwerk over de beide landsgrenzen heen, dan zal deze instelling de knoop doorhakken.

Voor diensten en goederen kennen we in Europa al langer een eenheidsmarkt, maar aan elektriciteit werd tot voor kort niet geraakt. Wat de energiesector betreft, lijkt de situatie vrij complex. Enerzijds verhogen de Europese richtlijnen voor een eengemaakte interne elektriciteitsmarkt en het snelgroeiende aandeel van (variabele) hernieuwbare energiebronnen de nood aan een energiesysteem en -netwerk dat ontwikkeld is en beheerd wordt alsof er in Europa maar een was. Anderzijds wordt de mix van opwekking nationaal bepaald zolang het netwerk gereguleerd door nationale entiteiten. Eigenlijk is daar een kloof op vlak van regulering: hoe kan je een Europese markt verder ontwikkelen met nationale regulatoren?

Tegelijkertijd is er een institutioneel probleem. Op zich is een regulerende instelling met beslissingsbevoegdheid binnen Europa al een vrij nieuw gegeven. Vroeger werden beslissingen genomen door het bevoegde ministerie. Met de komst van ACER komt nationale regulering voor nog een verandering te staan.  

GAMECHANGER 4: onverwachte spelers

Samen met de grote veranderingen veroorzaakt door technologie, markt en regulering dienen zich in de energiesector nieuwe spelers aan, terwijl bestaande spelers hun strategie omgooien en herbekijken. Wie durft met zekerheid zeggen dat de bestaande spelers in de toekomst zullen instaan voor het leveren van elektriciteit?

Door de opkomst van elektrische wagens zijn autoproducenten vrij voor de hand liggende uitdagers. De batterijen voor elektrische wagens worden steeds geavanceerder. Een voorbeeld is Tesla Motors. Om elektrische wagens aan een redelijke prijs te kunnen aanbieden, moet je op grote schaal batterijen produceren. Tesla zocht en vond een tweede afzetmarkt als groothandelaar in de opslag van energie voor andere meer stationaire doeleinden (reservestroom, reductie van de vraag bij pieken,…).  Hoewel nog niet aangetoond is dat dit idee echt werkt, beschikt het over het potentieel om het aspect van opslag via batterijen te veranderen.

Ook het aspect van monitoring zou andere uitdagers kunnen aantrekken. Zo analyseert Google vandaag al het mailverkeer van zijn gebruikers om gerichte reclameboodschappen te sturen. Ook supermarkten doen dat via kortingskaarten. De klant geeft hiervoor toestemming in ruil voor extra diensten of kortingen. Ook uit gegevens van het energieverbruik kan je heel uiteenlopende info verwerven waarvoor Google en consoorten grote interesse zullen hebben. Nieuwe spelers uit onverwachte hoek zouden dus tegen zeer concurrentiële voorwaarden energie kunnen leveren in ruil voor verbruiksdata.

Ten slotte is dit ook een verhaal van overnames en fusies. Nieuwe initiatieven zouden even goed van de telecom, of zelfs van een waterspeler kunnen komen.

Gerelateerd nieuws

  1. Elektriciteit zonder grenzen

    Datum: 02-06-2014
    Categorie: Opiniestukken
    De interne Europese elektriciteitsmarkt is de grootste ter wereld. In andere delen van de wereld is elektriciteit veeleer een lokaal of regionaal gegeven. Gezien alle spelers op de markt echter gebruik maken van dezelfde netwerkinfrastructuur geeft dit aanleiding tot discussie rond het energiebeleid. Hoe ontwikkel je de noodzakelijke transportinfrastructuur om deze markt te ondersteunen? En hoe verdeel je de kosten van deze gezamenlijke infrastructuur nu er nood is aan grote investeringen?
  2. De energiemarkt in beweging: hoe bereid je je voor op onzekerheid?

    Datum: 27-01-2014
    Categorie: Opiniestukken
    “We bevinden ons in de slechtst denkbare situatie. De oude wereld met de ons vertrouwde systemen ligt al ruim een decennium achter ons. De nieuwe wereld is er nog niet. Ze krijgt stilaan vorm, maar verandert voortdurend. Boeiend, dat wel. Maar het maakt opleiding des te noodzakelijker.” Een gesprek met Daniel Dobbeni, voorzitter van Vlericks Energieplatform, en professor Leonardo Meeus, directeur van het Future Power Grid Managers Programma, over de uitdagingen voor de elektriciteitssector, en bij uitbreiding voor de energiesector in het algemeen.
Alle artikels