Meerderheidsaandeelhouders houden CEO-verloning binnen de perken

Resultaten van Europees doctoraatsonderzoek naar het verband tussen het niveau van de CEO-verloning en de aanwezigheid van een remuneratiecomité binnen het bedrijf

CEO’s van ondernemingen met een remuneratiecomité worden meer betaald dan hun collega’s in ondernemingen zonder remuneratiecomité. Ook de aandeelhouderstructuur speelt een belangrijke rol in de CEO-verloning. In ondernemingen met een versnipperd aandeelhouderschap verdienen CEO’s meer dan in ondernemingen met een geconcentreerd aandeelhouderschap. Dat zijn de belangrijkste conclusies uit het recente doctoraatsonderzoek van Xavier Baeten (Vlerick Leuven Gent Management School) aan de Universiteit Gent bij 298 beursgenoteerde ondernemingen in België, Nederland, Frankrijk en Duitsland.

Die vaststelling dat de aanwezigheid van een remuneratiecomité geassocieerd is met hogere vergoedingsniveaus, heeft volgens Xavier Baeten te maken met het feit dat deze comités meer aandacht besteden aan marktvergelijkingen. “Deze vergelijkingen veroorzaken een opwaarts effect.  Er kunnen dan ook vragen gesteld worden bij de zin van het wettelijk verplicht maken van een remuneratiecomité voor beursgenoteerde ondernemingen, zoals dat in België sinds kort het geval is.”

Daarnaast bleek ook dat er geen verband is tussen de remuneratie en meer diversiteit in het remuneratiecomité (bv. meer vrouwen, een sterkere spreiding van leeftijden, meer nationaliteiten). Of het zin heeft om quota’s in te stellen, is dan ook zeer de vraag. Volgens Baeten moet er vooral voor gezorgd worden dat er niet teveel (ex-)topmanagers van andere bedrijven in het comité zetelen. Xavier Baeten: “Blijkbaar heeft de CEO meer macht over deze leden, wat aanleiding geeft tot beïnvloedingsprocessen. In Nederland is het trouwens niet toegestaan dat er meer dan één lid van het comité als manager in een andere onderneming tewerkgesteld is.”

Andere interessante bevindingen:

  • Er bestaan grote verschillen in aandeelhoudersstructuren binnen Europa: in vergelijking met Duitse (17%) en Nederlandse bedrijven(11%) houdt de belangrijkste aandeelhouder in Belgische (38%) en Franse bedrijven (34%) een groter deel van de aandelen in handen.
  • Institutionele beleggers spelen een belangrijke rol in Nederland (57% van de aandelen zijn in hun handen) en Duitsland (50%). Ze zijn duidelijk minder belangrijk in België (16%). Frankrijk situeert zich tussen beiden (39%). Toch bleek dat deze institutionele beleggers geen noemenswaardig effect uitoefenen op het verloningsbeleid.
  • Een doorsnee CEO in de 298 beursgenoteerde ondernemingen uit dit onderzoek, verdiende € 1.115.875. Iets meer dan de helft (56%) van het pakket bestaat uit variabele verloning.
  • 73% van de beursgenoteerde ondernemingen heeft een remuneratiecomité geïnstalleerd.
  • De diversiteit binnen het remuneratiecomité is beperkt: de gemiddelde leeftijd van de leden van het comité bedraagt 61 jaar, met een beperkte spreiding. Bovendien zetelt slechts in 19% van de bedrijven tenminste één vrouw in het comité. Ook het aantal nationaliteiten is beperkt. Bijna de helft is ook tewerkgesteld of tewerkgesteld geweest als topmanager in een ander bedrijf.

OVER HET UNIEKE ASPECT VAN DIT ONDERZOEK

In vergelijking met bestaand onderzoek rond CEO-verloning biedt deze studie omwille van verschillende aspecten een unieke meerwaarde. Ten eerste ligt de geografische focus op Continentaal Europa (daar waar bestaande studies vooral op Angelsaksische markten gericht zijn). Ten tweede worden er meerdere landen bij het onderzoek betrokken. Ten derde wordt er gekeken naar de typologie van de aandeelhouders. En ten slotte wordt ook de rol van remuneratiecomités onderzocht.

Het onderzoek besteedt verder niet enkel aandacht aan de hoogte van de verloning, maar ook aan de structuur ervan. In dat opzicht bleek dat het aandeel van de variabele verloning (bonus) lager ligt in ondernemingen die gecontroleerd worden door een familiale aandeelhouder. Dit heeft te maken met het feit dat deze aandeelhouders een lange-termijn visie aanhouden en minder geneigd zijn tot het nemen van risico’s.

Gerelateerd nieuws

  1. Vlerick Executive MBA is nummer 1 in België volgens jaarlijkse Financial Times ranglijst

    Datum: 17-10-2016
    Categorie: Persberichten
    Volgens de meest recente ranglijst van de Financial Times is de Executive MBA-opleiding aan Vlerick Business School de absolute nummer 1 in België en nummer 2 in de Benelux. Binnen deze top 100 klimmen we 3 plaatsen naar nummer 70 in de wereld. Ook op Europees niveau maken we een sprong voorwaarts; we boeken 2 plaatsen winst en belanden op nummer 25. Met dit resultaat zetten we onze opwaartse koers van de afgelopen 5 jaar verder.
  2. België stijgt 2 plaatsen in de WEF-ranglijst van meest competitieve landen ter wereld

    Datum: 28-09-2016
    Categorie: Persberichten
    Volgens het Global Competitiveness Report 2016-2017 van het World Economic Forum stijgt België 2 plaatsen in de wereldwijde rangschikking van landen volgens hun competitiviteit. België staat momenteel op nummer 17 in de wereld. Nadat we eerder twee jaar op rij gedaald waren, komen we daarmee terug op onze positie van 2012 en 2013. Verder zijn er in de wereldwijde top 20 diverse verschuivingen, maar geen nieuwkomers. De top drie – Zwitserland, Singapore en de VS – blijft ongewijzigd.
Alle artikels