Tijd om de clown terug te halen

Door Ralf Wetzel, professor Organisational Behaviour aan Vlerick Business School

De Panama Papers. Het lijkt wel het scenario van een slechte Amerikaanse film: een advocatenkantoor met een ietwat dubieuze naam, internationale politici die zich onaantastbaar wanen, een bedrijfsnetwerk dat onder de radar opereert, de pers die op de zaak springt en een verbouwereerde reactie van het volk. Het had de onbeduidende premisse van een geflopte film kunnen zijn, ware het niet dat niet lang voordien gelijkaardige verhalen aan het licht waren gekomen. Denk maar aan het Volkswagen-emissieschandaal dat lustig voortduurt, de LIBOR-fraude die illustreert hoe hard conculega’s het spel spelen, en de internationale subprimecrisis waarvan de wereldeconomie zich pas na jaren helemaal herstelde. En dat is allemaal in pakweg de voorbije vijf jaar gebeurd. Modern management veroorzaakt morele rampen, en momenteel maken we er weer één mee. Gek genoeg heeft zowel het grote publiek als de bedrijfswereld amper lessen getrokken uit vorige schandalen. Een geïnformeerde waarnemer verbaast zich telkens weer over hoe verbaasd beide kampen reageren, jaar in, jaar uit. Dat is bizar. Bedrijven willen hun gedrag niet aanpassen, en het grote publiek heeft niet veel zin om in opstand te komen tegen al die onkunde. Beide partijen reageren dan ook gemakshalve verbijsterd en geschokt.

De retour en het dilemma van management

Dit alles gebeurt in een tijd waarin management als sociale functie zijn mythische aura van weleer kwijt is. Vroeger waren de populairste vakken aan universiteiten en businessscholen die waarbij wel ergens het woord ‘management’ in de omschrijving stond. ‘Managen’ was voor studenten een ideaalbeeld. Die tijden zijn inmiddels voorbij. De reputatie van grote bedrijven is structureel aangetast, en hetzelfde geldt voor management. Een belangrijke reden houdt mogelijk verband met de verwarrende rol van modern management. Het oude rollenpatroon van de held (de keuze voor de mannelijke vorm van het woord is geen toeval) die de problemen uit het verleden op eigen houtje in kaart brengt en vervolgens eigenhandig de gewenste toekomst uitbouwt, is geëvolueerd van de archetypische figuur die een groot bedrijf aanstuurt en onvermijdelijk verwikkeld is in micropolitiek en informele allianties, naar twee contrasterende figuren, nog onaangetast door het sluimerende ‘duistere management’: de ondernemer (die alles zelf doet) en de leider (die zich enkel toelegt op visies uitwerken en anderen motiveren). Voor de manager die de dagelijkse klusjes opknapt, bestaat er geen rolmodel meer, en al zeker geen dat rekening houdt met de huidige omstandigheden van het leven, met zijn vastzitten in onzekerheden, zwaktes en tekortkomingen. Geen wonder dat niemand nog manager wil worden, en geen wonder dat er wordt teruggegrepen naar het verleden (de oude held) of men zich net blindstaart op de toekomst (de leider). Voor management is er in het heden geen plaats, en dus is management in het heden de grote afwezige. Het mag duidelijk zijn: management is zijn onschuld kwijt.

De opdracht van een vergeten vreemde

Clowns duiken op wanneer de maatschappij hen nodig heeft. Denk maar aan de populariteit van Chaplin en Keaton tijdens de Grote Depressie. Indianen zeggen dan weer dat clowns op de voorgrond treden wanneer de leiders de controle verliezen.” Deze uitspraak van de Canadees Richards Pochinko, die clowns opleidde, komt niet toevallig naar boven. In de huidige vluchtelingencrisis, waarin de politiek machteloos en hopeloos toekijkt, maakt één figuur zijn comeback: de clown. Je vindt hem nu in vluchtelingenkampen op het eiland Lesbos, maar ook in Berlijn of Anderlecht. Hij brengt er vreugde en vrolijkheid, en laat mensen lachen zodat ze even hun trauma’s, wanhoop en verveling vergeten. De clown is misschien wel de enige op wie we nog kunnen rekenen voor hoop, empathie en onschuld als mensensmokkelaars, grenswachters en bureaucraten hun werk gedaan hebben. Hij zag het circus als zijn natuurlijke habitat steeds meer verbannen, maar nu is de clown terug, misschien wel sterker dan ooit. Waarom? Heel simpel. Eerst en vooral staat de clown voor onschuld, want hij is een neutrale partij. Hij laat zien wat hij voelt, door welke emotie hij ook gedreven wordt. Geen masker, geen vermomming. De clown is naakt in al zijn emoties. Ten tweede bestaat de clown alleen in het hier en nu. Er is geen verleden waaraan hij gebonden is, geen toekomst waarnaar hij verlangt. Alleen het heden telt. Ten derde is hij geboren uit magie, en die verbindt hem met het publiek. Als niemand naar hem kijkt, bestaat hij simpelweg niet en verdwijnt hij. En als hij geen emotionele band kan creëren met zijn publiek, dan schiet hij tekort en is hij geen echte clown, voor hem de ergst mogelijke beschuldiging. En tot slot schuilt de aantrekkingskracht van een clown net voor een groot stuk in het feit dat hij keer op keer mislukt. Wat hij ook doet, hij loopt altijd een risico, en het is die onschuldige en openlijke strijd die hem zo onweerstaanbaar maakt voor het publiek. De onschuldige, emotionele connectie met het publiek, zijn verankering in het heden en zijn existentiële strijd vormen de essentie van wat die figuur de wereld nog steeds te bieden heeft. En hij is teruggekomen op een cruciaal moment.

Het verlangen naar iets anders

Een rolmodel bestaat nog niet voor een management dat op die manier in het heden leeft, kwetsbaar, verbonden en onschuldig is. En ik hoop dat het geen rolmodel wordt dat is vormgegeven door het allegaartje van managementstijlen die hun oorsprong vinden in de betwistbare alliantie tussen consulting, businessschooling en managing. Het is tijd om de platgetreden paden van managementwetenschap en -praktijk te verlaten. Gelukkig worden er al zinvolle debatten gevoerd die geïnspireerd zijn op kunst en Europese filosofie. Managementwetenschap en -praktijk zullen geen soelaas brengen voor de crisis die de manager momenteel doormaakt. De clown kan wel een rolmodel en bron van inspiratie zijn voor zowel academici als het werkveld. Door naïeve en onschuldige waarnemers te worden, wanhopig op zoek te gaan naar een echte connectie met een publiek, en door zichzelf kwetsbaar op te stellen. Dat is een gewaagde sprong. Maar niet springen is eigenlijk geen optie meer als we niet meer willen doen alsof we uit de lucht komen vallen bij de volgende ondermaatse film.

Gerelateerd nieuws

  1. Leiderschap, maturiteit en simplisme

    Datum: 04-11-2016
    Categorie: Opiniestukken
    De één was als premier ruim acht jaar lang leider van Nederland, de ander is al jarenlang een autoriteit op het gebied van menselijk gedrag en leiderschap. Jan Peter Balkenende en Herman Van den Broeck ontmoeten elkaar in het kantoor van Balkenende waar ze elkaar vinden in een gesprek over dienend leiderschap, maturiteit en simplisme.
  2. De magie van teamidentiteit bij virtuele projectteams

    Datum: 25-10-2016
    Categorie: Opiniestukken
    De hamvraag bij virtuele teams is vaak niet “Roeien we wel allemaal dezelfde kant op?”, maar “Zitten we überhaupt in dezelfde boot?”. Virtuele teams met een sterke identiteit kunnen beter samenwerken, presteren en conflicten oplossen, ongeacht de geografische afstand tussen de leden en de complexiteit van de taken. Hoe kan je dus een identiteit bij virtuele teams creëren en versterken? Door aandacht te hebben voor persoonlijke interactie en online socializen, en door het werk- en beloningsproces goed te sturen.
Alle artikels