Vlaams gebrek aan ondernemingszin zit cultureel ingebakken

Resultaten van de Global Entrepreneurship Monitor 2015

1 op 10 bevraagde Vlamingen wil binnen dit en 3 jaar een nieuw bedrijf opstarten. Een record in vergelijking met 15 jaar geleden. Keerzijde van de medaille: ze doen dat vooral uit noodzaak, omdat ze geen andere keuze hebben. De kloof tussen opportuniteit en effectieve opstart blijft voor de meeste Vlamingen groot, wat vooral te wijten is aan faalangst en gebrek aan vertrouwen in eigen kunnen. “Vijftien jaar ondernemerschaps¬onderzoek toont aan dat deze struikelblokken structureel zijn,” zegt onderzoekster Tine Holvoet. “Maar we zien ook dat het gebrek aan ondernemingszin bij de Vlaming cultureel ingebakken zit. Vlamingen vinden ondernemer wel een goede loopbaankeuze, maar lopen anderzijds niet zo hoog op met succesvolle ondernemers. We hebben nood aan een positievere ondernemerschapscultuur.” 

Vlerick Business School publiceert vandaag de conclusies van de 15de editie van de Global Entrepreneurship Monitor (GEM), een jaarlijkse wereldwijde studie naar de ondernemerszin bij de bevolking. Het onderzoek voor Vlaanderen gebeurt in opdracht van de Vlaamse regering, en werd uitgevoerd door professor Hans Crijns en onderzoekers Tine Holvoet en dr. Niels Bosma.

De daad bij de opportuniteit voegen

48% van de bevraagde Vlamingen ziet in de komende 6 maanden voldoende opportuniteiten om een bedrijf op te richten. Daarnaast geeft 10% aan dat ze ook de intentie hebben om binnen dit en 3 jaar de daad bij het woord te voegen. Het gaat daarbij om mensen die (nog) niet concreet bezig zijn met een start-up.

In 2002 lag het aantal Vlamingen dat een zaak wil starten slechts op 3%. We hebben de afgelopen 15 jaar dus al een lange weg afgelegd,” stelt onderzoekster Tine Holvoet vast. Toch moeten we dat optimisme wat temperen, want in de praktijk zijn dat er een pak minder. Concreet bedraagt het aantal starters dat net een onderneming opgericht heeft of actief betrokken is bij de oprichting ervan 5,4%. “Hoewel ook dit de hoogste score is in 15 jaar onderzoek en dat resultaat de stijgende trend van de laatste vijf jaar bevestigt, blijft het een stuk lager dan de rest van Europa. Enkel Duitsland en Italië scoren minder.”

Een verklaring vinden we bij het feit dat nog veel starters handelen uit noodzaak. In vergelijking met de ons omringende innovatiegedreven economieën (16%) kiest 43% van de effectieve starters in Vlaanderen voor het ondernemerschap omdat ze te weinig andere alternatieve jobkansen zien. Dat is het hoogste cijfer in Europa. “Dat het aantal Vlamingen dat een eigen zaak plant, stijgt in crisisjaren en daalt als de economie weer aantrekt, versterkt deze conclusie,” zegt Tine Holvoet. “Het hoge aandeel ondernemerschap uit noodzaak heeft ook een keerzijde. De gouden kooi van het werknemerschap zorgt ervoor dat heel wat mensen gevangen zitten binnen het comfort van hun bestaande situatie en dus niet overgaan tot ondernemen uit opportuniteit. Anderzijds scoort Vlaanderen relatief hoog op intrapreneurship. Vlamingen geven er blijkbaar de voorkeur aan om hun ondernemend ei te leggen binnen de veilige omgeving van een bestaand bedrijf.”

Investeren in een positieve ondernemerschapscultuur

Het onderzoek van 2015 bevestigt dat zelfperceptie een structurele rem blijft op het ondernemerschap. Slechts 3 op 10 Vlamingen hebben vertrouwen in hun eigen kennis en vaardigheden om een zaak op te starten. Deze score is dermate laag dat we er internationaal mee opvallen, zeker wat betreft het geloof in eigen kunnen bij vrouwen. 1 op 2 bevraagden die wel goede opportuniteiten zien, laat zich tegenhouden door de angst om te mislukken.

Daarnaast beïnvloeden ook de zichtbaarheid en aantrekkelijkheid van ondernemerschap in belangrijke mate het ondernemerschapsklimaat. Alhoewel de helft van de Vlamingen (54%) ondernemerschap als een goede loopbaankeuze zien, geven ze geen hoge status (57%) aan succesvolle ondernemers. Slechts de helft (54%) vindt dat er in de media voldoende aandacht is voor de succesverhalen van nieuwe bedrijven en ondernemers. In vergelijking met de referentielanden kan succesvol ondernemerschap in Vlaanderen structureel op weinig waardering rekenen.

Op basis van 15 jaar GEM-onderzoek kunnen we duidelijk besluiten dat we moeten bouwen aan een meer positieve ondernemerschapscultuur,” stelt Tine Holvoet. “Daar zou je onder meer al mee kunnen starten in het lager en middelbaar onderwijs door te werken aan aspecten als faalangst, proactief reageren en initiatief nemen. Positief is wel de mentaliteitswijziging binnen het overheidsbeleid. Voor 2015 zijn we nummer 1 op een totaal van 62 landen wat betreft aandacht voor en ondersteuning van ondernemerschap door de overheid.”

Ambitieus ondernemen?

Het aandeel nieuwe ondernemers dat ten minste vijf banen verwacht te creëren in de komende vijf jaar schommelt rond 1%. Daarmee zit Vlaanderen in de groep met de laagste scores. Ook de innovatiegerichtheid – Vlaanderen scoort iets lager dan gemiddeld – is beperkt.

Tine Holvoet: “Waar politici en middenveld vaak wijzen op het belang van ondernemerschap voor de economische groei van ons land, zien we dat de ambities van starters inzake jobcreatie en innovatie relatief laag liggen. Wel is de internationale ingesteldheid van de Vlaming bij de hoogste in Europa. Onze kleine en open economie in combinatie met het Brussel-effect zijn een stimulans voor ondernemerschap. Toch moeten we er op letten dat de internationale handel niet beperkt blijft tot de buurlanden. Meer aandacht van de media voor internationaal ondernemen zou kunnen helpen.”

OVER DE GLOBAL ENTREPRENEURSHIP MONITOR
In 2015 werd het GEM-onderzoek voor de 15de keer uitgevoerd in Vlaanderen. De resultaten zijn gebaseerd op een telefonische enquête bij een representatieve steekproef van 2000 respondenten tussen 18 en 64 jaar. Voor Vlaanderen wordt de studie sinds 2001 uitgevoerd door Vlerick Business School.

OVER HET STEUNPUNT ONDERNEMEN EN REGIONALE ECONOMIE
Het Steunpunt Ondernemen en Regionale Economie (STORE) adviseert de Vlaamse overheid op basis van fundamenteel en toegepast economisch toponderzoek binnen drie domeinen; (i) startende ondernemingen en ondernemerskapitaal, (ii) de ontwikkeling en doorgroei van KMO’s, en (iii) het meten en identificeren van economische clusters (met bijzondere aandacht voor de analyse en implementatie van een nieuw industrieel beleid). Daarnaast heeft het Steunpunt ook de opdracht om een gegevensbank aan regionaal-economische indicatoren te ontwikkelen (het zogenaamde Regional Data Warehouse, RDW).

Gerelateerd nieuws

  1. Vlerick lanceert twee nieuwe gespecialiseerde Masters-opleidingen

    Datum: 14-09-2016
    Categorie: Persberichten
    Bij het begin van het nieuwe academiejaar dat deze week plechtig geopend werd in Brussel, lanceert Vlerick Business School twee nieuwe Masters-opleidingen. Het gaat over een Masters in Innovation & Entrepreneurship in Leuven en een Masters in International Management & Strategy in Brussel. Beide richtingen die inspelen op een trend naar meer specialisatie, zijn meteen sterk gestart met respectievelijk 29 en 35 studenten.
  2. Wie start een zaak in Vlaanderen en waarom (niet)?

    Datum: 25-05-2016
    Categorie: Persberichten
    Maar liefst 9% van de bevraagde Vlamingen wil binnen dit en 3 jaar een nieuw bedrijf opstarten. De kloof tussen droom en daad blijft echter hoog, wat vooral te wijten is aan faalangst en gebrek aan zelfvertrouwen. Opmerkelijk is verder ook dat wie effectief een bedrijf opstart, dat eerder doet vanuit noodzaak dan vanuit opportuniteit. De ambities van starters inzake jobcreatie en innovatie liggen laag. Wel is de internationale ingesteldheid van de Vlaming bij de hoogste in Europa.
Alle artikels