Waarom de Sociëteit van Jezus ons iets kan leren over uitstekende bedrijfsvoering

De meeste managers en leiders weten dat organisaties en bedrijven complex in elkaar zitten. Een mooie blauwdruk creëren van hoe de dingen moeten verlopen, is gewoonweg niet voldoende. Interveniëren op organisatieniveau is erg risicovol. En de context verandert voortdurend. Geen wonder dus dat organisatiedeskundigen en academici vandaag op zoek zijn naar de ‘heilige graal’ die ons kan leren op de juiste manier te sturen en interveniëren op organisatieniveau, zodat de prestaties van de organisatie of het bedrijf worden geoptimaliseerd, in lijn met de missie en doelen. 

Erik Vanleeuw, lekenmedewerker bij de Vlaamse Jezuïetenprovincie, is onlangs afgestudeerd aan de Vlerick Business School (executive MBA) met een onderzoeksproject over het organisatieontwerp van de Sociëteit van Jezus en haar vermogen tot veranderen. Samen met zijn promotor, professor Ralf Wetzel, nam hij in september deel aan het 9e EIASM-colloquium in Essen (Duitsland). Daar stelden ze de resultaten van Eriks onderzoek voor aan een publiek van onderzoekers, adviseurs en PhD-studenten van over de hele wereld. De verrassende conclusie: de Sociëteit van Jezus wordt beschouwd als een uiterst interessante casestudy, aangezien ze er duidelijk in geslaagd is te overleven in tal van bijzonder turbulente tijden. De jezuïeten blijken over een aantal unieke instrumenten te beschikken die zeer geschikt en doeltreffend zijn om het hoofd boven water te houden in complexe en steeds veranderende omstandigheden.

Vlerick-professor Ralf Wetzel: “Bedrijfsinterne projecten focussen doorgaans sterk op de organisatiebehoeften van het gastbedrijf enerzijds en het omzetten van de opleidingsinhoud in zichtbare businessimpact anderzijds. Er wordt dus vaak vanuit gegaan dat de academische mogelijkheden van bedrijfsinterne projecten veeleer beperkt zijn. Eriks onderzoek is in dat opzicht een geschenk en toont op indrukwekkende wijze aan dat bij dergelijke projecten onderzoek succesvol kan worden gecombineerd met scholing en het leiden van een bedrijf. Het was een echte openbaring was voor mij. Ik vond het ongelofelijk leuk en heb er zeer veel van opgestoken.”

Dat geldt ook voor Johan Verschueren, Provinciaal van de Vlaamse en de Nederlandse jezuïetenprovincies: “De studie van Erik Vanleeuw heeft ons aangenaam verrast, en ze bezorgde uitermate interessante leessleutels om het zelfinzicht van ons functioneren te vergroten en om het te verbeteren daar waar er kwetsbare  achillespezen werden blootgelegd. De studie helpt ook om aan de hand van een hedendaagse en actueel  taalspel een oeroude degelijke wereldorganisatie te doorvorsen en te valoriseren. Dit is zeer verdienstelijk. Daarom heb ik  het werkstuk aanbevolen aan meerdere collega's in de Sociëteit van Jezus.

Tijdens de presentatie op het EIASM-colloquium in Essen werden de volgende kenmerken van de Sociëteit van Jezus als organisatie extra belicht:

1/ Vanaf het prille begin heeft de Sociëteit van Jezus een uiterst verfijnd mechanisme voor informatie-uitwisseling ontwikkeld, waardoor besluitvorming op een doordachte en deskundige manier kan gebeuren: informatie wordt niet alleen top-down maar ook bottom-up uitgewisseld en kan niet worden genegeerd. Sinds hun oprichting schreven de jezuïeten brieven naar Rome en naar elkaar. Oversten reizen veel en bezoeken heel wat mensen en plaatsen. Een provinciaal ontmoet iedere jezuïet normaal gezien een keer per jaar en wordt verondersteld heel aandachtig te luisteren. In de Sociëteit van Jezus is er zowel op het formele als het informele niveau sprake van een ononderbroken schriftelijk en mondeling dialectisch proces.
Vandaag hebben heel wat bedrijven / organisaties het moeilijk om het formele niveau te koppelen aan het informele niveau.

2/ Hiërarchie en gehoorzaamheid maken een sterk leiderschap mogelijk, maar kunnen niet worden beschouwd als absolute (opzichzelfstaande) voorwaarden, aangezien ze altijd samengaan met een proces van individueel en collectief inzicht. De Geestelijke Oefeningen voorzien iedere jezuïet van een uniek instrument om onderscheid te maken en gezonde beslissingen te nemen, op individueel maar ook op meer collectief niveau (op management- of organisatieniveau). Hierdoor kan de jezuïet ook een overste ‘gehoorzamen’, maar niet zoals een soldaat of robot dat doet. Doordat de jezuïet ‘rekenschap van geweten’ aflegt, kan hij zijn hart openstellen voor verandering en zijn roeping proberen af te stemmen op de missie van de organisatie die wordt beschermd door de overste.
Vandaag slagen heel wat bedrijven / organisaties er niet in de missie van het bedrijf op één lijn te brengen met de ambities en behoeften van individuen. Humanresourcesafdelingen hebben dringend behoefte aan middelen die bijvoorbeeld ‘goed organisatiegedrag’ vergemakkelijken. Of ze proberen manieren te vinden om verborgen competenties, vaardigheden en behoeften van medewerkers te ontdekken die passen bij de doelen en ambities van de organisatie. 

 3/ Door een stevige vorming (of indoctrinatie) en zogenaamde ‘contemplatie in de actie’ kunnen jezuïeten werken en improviseren in een uiterst complexe, vervreemdende en snel veranderende omgeving. Jezuïeten wonen niet in kloosters. Ze kiezen er bewust voor om te werken in de wereld, doorgaans in moeilijke omstandigheden. Ze moeten dus vaak tegen de stroom in roeien. De Geestelijke Oefeningen, een stevige intellectuele vorming, het dagelijks bijzonder onderzoek en de zogenaamde contemplatie in de actie bieden de jezuïeten een erg nuttig kompas om voortdurend te onderscheiden, en op het juiste ogenblik te handelen en reageren. Ze improviseren veel, maar altijd in het kader van hun missie (die ze gekregen hebben van God en de Heilige Geest).
Vandaag weten heel wat bedrijven / organisaties niet welk pad ze willen inslaan. Ze slagen er niet in hun missie te realiseren, omdat ze niet tegen de stroom op kunnen roeien en niet opgewassen zijn tegen de snel veranderende omstandigheden waarmee ze te kampen hebben. 

Bron: ‘Change readiness of a religious order. An exceptional organizational story…’ door Erik Vanleeuw; Executive MBA Leuven 2014. (0032 16 39 84 77 of directeurddhlv@kuleuven.be)

Gerelateerd nieuws

  1. Tijd om de clown terug te halen

    Datum: 08-06-2016
    Categorie: Opiniestukken
    Met de Panama Papers veroorzaakt modern management opnieuw een volgende morele ramp. Gek genoeg worden er amper lessen getrokken uit vorige schandalen. Volgens professor Ralf Wetzel zullen managementwetenschap en -praktijk geen soelaas brengen voor de crisis die de manager momenteel doormaakt. Er is nood aan een nieuw rolmodel dat de platgetreden paden van management verlaat.
  2. Geschiloplossing in de Belgische bedrijfswereld: tijd voor een wake-upcall

    Datum: 07-06-2016
    Categorie: Opiniestukken
    Uit een aantal enquêtes die de afgelopen vijf jaar zijn gehouden in Europa en de Verenigde Staten blijkt dat bedrijven steeds vaker in rechtszaken verwikkeld zijn. Wat wordt uitgegeven aan honoraria en andere proceskosten zijn opbrengsten die nooit zullen worden uitgekeerd aan aandeelhouders of geherinvesteerd in het bedrijf. Ook belangrijk is het negatieve effect dat procesvoering doorgaans heeft op zakenrelaties. Professor Barney Jordaan pleit voor bemiddeling als een betere manier om een bedrijfsgerelateerd geschil op te lossen.
Alle artikels