Belgische markt van fusies en overnames groeit sterk

2015 en begin 2016 werden gekenmerkt door een uitgesproken stijging van het aantal transacties op de Belgische markt van fusies en overnames. De vraag overstijgt het aanbod, gestimuleerd door een makkelijke en goedkope toegang tot financiering en meer beschikbare middelen bij investeringsmaatschappijen. Bovendien zorgt de langdurige lage rentestand voor een toegenomen interesse van familiale fondsen, vermogende individuen en buitenlandse investeringsmaatschappijen in Belgische middelgrote ondernemingen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat betaalde prijzen omhoog gaan, over alle sectoren en bedrijfsgroottes heen.

Dat blijkt uit een bevraging bij 142 Belgische fusie- en overname-experten die peilt naar hun ervaringen gedurende het afgelopen jaar. Het onderzoek gebeurde onder leiding van professor Mathieu Luypaert van het Vlerick Centre for Mergers, Acquisitions & Buyouts in samenwerking met Bank J.Van Breda & Co, BDO en Gimv.

Download het volledige rapport '2016 M&A Monitor - shedding light on M&A in Belgium'

Belgische overnamemarkt zit in de lift

De wereldwijde trend naar groei weerspiegelt zich ook op de Belgische markt van fusies en overnames.

  • 65% van de bevraagden stelt een toename vast van het aantal transacties in België gedurende het afgelopen jaar. De helft van hen geeft zelfs aan dat er een stijging is van meer dan 10%.
  • De vraag overstijgt het aanbod – zowel bij banken als investeringsfondsen zijn voldoende financiële middelen beschikbaar wat de vraag sterk stimuleert
  • De piek van deze groei is nog niet bereikt. 52% van de bevraagden verwacht dat de overnamemarkt nog verder zal groeien, terwijl slechts 13% van alle experten een (lichte) daling voorspelt.

Voorzichtigheid is echter wel geboden volgens professor Mathieu Luypaert: “Transacties die plaatsvinden wanneer de markt van fusies en overnames piekt, zijn doorgaans minder rendabel. Ze worden vaak ingegeven door overmoed en kuddegedrag. Typisch worden de meest aantrekkelijke deals gesloten bij de start van een overnamegolf, waardoor nadien enkel bedrijven overblijven die niet volledig beantwoorden aan de ideale selectiecriteria.”

Drijfveren: strategisch versus financieel

Welke motieven drijven deze recente fusies en overnames?

Voor strategische overnemers:
1. realiseren van economische schaalvergroting
2. aanboren van nieuwe geografische markten
3. cross-selling van producten of diensten
4. verwerven van nieuwe technologieën
5. creëren van betere aankoopvoorwaarden

Voor financiële overnemers (investeringsfondsen):
1. Buy-and-build strategie
2. Verhogen van de inkomsten en winstmarge

Mathieu Luypaert: “In tegenstelling tot internationale bevindingen stellen we vast dat er in de toegenomen overname-activiteit in België een belangrijke rol is weggelegd voor financiële overnemers. De oorzaak vinden we in de toename van familiale investeringsfondsen en vermogende individuelen in combinatie met lage interestvoeten. Daarnaast zien we ook een stijging van het aantal geïnteresseerde buitenlandse investeringsmaatschappijen die over meer middelen beschikken en over de grenzen heen uitkijken naar interessante deals.”

Prijszetting

Uit de Monitor blijkt een significante toename in overnameprijzen. Gemiddeld werd in 2015 6,1 keer de EBITDA-waarde* betaald, terwijl dat in 2014 nog 5,6 keer was en in 2013 5,0.

  • In het segment van kleinere deals (minder dan 5 miljoen euro) zijn de prijzen nagenoeg stabiel gebleven: gemiddeld wordt er 4,6 maal EBITDA betaald
  • Bij de grotere transacties (meer dan 100 miljoen euro) loopt dat op tot gemiddeld 8,5 keer EBITDA met pieken tot 12,1.

Bijna 50% van de bevraagden geeft verder aan dat de uiteindelijk overeengekomen prijs van de deal hoger lag dan het initiële bod. Slechts 1 op 4 kwam uit op een verkoopprijs die lager lag dan het eerste bod. In de grote meerderheid van de deals bedroeg dat verschil minder dan 30%.

Hoe worden de deals gefinancierd?

  • Met uitzondering van de kleinere deals is er een sterke stijging van de schuldfinanciering. Een bevestiging dat de huidige explosie van de overnamemarkt voor een groot stuk gedreven wordt door goedkope en makkelijk verkrijgbare bankleningen. Het bedrag aan schuldfinanciering bij overnemende bedrijven bedraagt typisch 3 keer de EBITDA, maar kan oplopen tot 5 keer EBITDA bij de grootste ondernemingen.
  • 42% van alle overnametransacties wordt o.a. gefinancierd via een ‘vendor loan’. Deze vorm van financiering waarbij de verkoper bereid is om een deel van de verkoopprijs tijdelijk te lenen aan de koper, is goed voor gemiddeld 16% van de totale dealprijs.
  • Bij 31% van de deals wordt gebruik gemaakt van een ‘earn-out’, waarbij de betaling van de verkoopprijs gedeeltelijk uitgesteld wordt en afhankelijk is van het toekomstige bedrijfsresultaat.

Proces

Hoewel de evolutie van de markt vooral gedreven wordt door de vraagzijde blijkt uit het onderzoek dat 68% van alle deals geïnitieerd wordt door de verkoper.

  • Bijna de helft van alle transacties verloopt via een veiling. Dat is ook vooral zo voor het grotere dealsegment waar 80% van de deals boven 100 miljoen euro op die manier tot stand komt.
  • In iets meer dan 30% van de transacties laat de verkopende partij zelf een boekenonderzoek uitvoeren om het proces vlotter te laten verlopen. Ook hier loopt dat op tot 68% voor het grotere dealsegment.
  • Gemiddeld duurt het hele transactieproces tussen 4 en 6 maanden.
  • De concurrentie aan vraagzijde is sterk gestegen, vooral in het middelgrote segment. Gemiddeld zijn er 4 biedende partijen. Dat aantal stijgt voor de grote deals van boven de 100 miljoen euro naar 7. Ondanks de hoge dealprijs is de interesse hier vaak groter omdat het bedrijf in kwestie meer visibiliteit geniet, sterkere netwerken heeft, er meer buitenlandse spelers geïnteresseerd zijn en er meer economische schaalvergroting mogelijk is.

"De bevolking vergrijst, en de ondernemers dus ook. Hierdoor zal het aanbod op de markt van fusies en overnames verder toenemen. Voor de verkoper betekent een overname vaak dat hij zijn hele levenswerk omzet in een geldsom voor zijn pensioen. Een efficiënte en liquide markt is dan ook een vereiste. De kleine of middelgrote onderneming die te koop is, moet zich echter ook tijdig voorbereiden. Deze M&A Monitor geeft waardevolle inzichten om een maximale waarde te verkrijgen."
Wannes Gheysen (Verantwoordelijke successies & overnames, Bank J. Van Breda & C°).

"De M&A Monitor weerspiegelt heel goed de huidige, relatief intense F&O-activiteit in België. Natuurlijk is het nog maar de vraag of deze trend zich zal voortzetten. Door de aanhoudend negatieve rentes en de op handen zijnde hervorming van de Belgische vennootschapsbelasting is het erg moeilijk om een duidelijk beeld te krijgen van de wijze waarop de waarderingratio's en de financieringsstructuur zullen evolueren. De partijen worden zo nog meer onder druk gezet om een juiste balans te vinden tussen rendement en risicoacceptatie bij het sluiten van een deal."
Veerle Catry (Partner - BDO België)

"Deze M&A Monitor stipt een aantal belangrijke kwesties aan: de beschikbaarheid van bancaire financiering en snel beschikbare liquide activa bij investeringsbedrijven als belangrijkste drijvende krachten achter het stijgende aantal fusies en overnames; de stijgende waarderingen, het gebruik van bancaire financiering ... Daarbij komt nog de toenemende onzekerheid over de regelgeving en de belastingwetgeving. Stevenen we af op een irrationele bubbel van fusies en overnames? Het gaat ten slotte om een markt waar discipline, een lange adem en een sterke focus op de basis centraal staan."
Peter Maenhout (Managing Partner - Gimv)

* De vraagprijs voor een bedrijf wordt uitgedrukt in een veelvoud van de EBITDA-waarde (i.e. de winst van het bedrijf voor belastingen, intrestbetalingen, afschrijvingen en waardeverminderingen). De EBITDA is een maatstaf van de operationele kasstroom die een bedrijf realiseert.

Accreditaties
& rankings

Equis Association of MBAs AACSB Financial Times