Wat als… meer vrouwen betaald zouden worden om te werken?

Studenten onderzoeken gendergelijkheid in Ethiopië

Confused on a high level”, zo omschrijft Masters in International Management & Strategy student Ortwin Huysmans zichzelf na zijn in-company project in Oost-Afrika. Samen met medestudent Robin Dehondt en Masters in General Management studente Lynn Roodhooft trok hij voor een maand naar Ethiopië onder begeleiding van professor Smaranda Boros. Ter plekke werkten de drie studenten intens samen met Sarah De Smet van SNV, Netherlands Development Organisation. Zij verwachtte én kreeg een frisse blik op het project waar ze al even haar tanden in zet.

Wat doen jullie precies met SNV in Ethiopië?

Sarah De Smet: “SNV is hier al meer dan 40 jaar actief, sinds de extreme droogte in het midden van de jaren ‘70. Vandaag tellen we 159 medewerkers, verspreid over 4 kantoren. Zelf ben ik een van de vier expats. Ik woon hier al 2,5 jaar met mijn gezin en werk in het hoofdkantoor in Addis Abeba. Tot 2015 werd SNV hoofdzakelijk gesteund door de Nederlandse overheid, maar nu moeten we voor ieder project zelf financiering zoeken. We zijn actief in 3 domeinen: energie, WASH (Water, Sanitation and Hygiene) en landbouw.  Zelf ben ik projectmanager van een van de landbouwprojecten.”

In-company project for SNV Ethiopia
Van links naar rechts: Ortwin Huysmans, Robin Dehondt, Lynn Roodhooft en Sara De Smet

En die rol neemt u op in het project ‘Gender and Youth Empowerment in Horticulture Markets’. Waarover gaat dat en hoe pakken jullie het aan?

Sarah De Smet: “Klopt. Met dit project onderzoeken we of er een mogelijkheid bestaat om het leven hier te verbeteren door vrouwen meer kansen te geven. Dat zou bijvoorbeeld kunnen door hun rol van de huishoudelijke en dus onbetaalde sfeer te verleggen naar de economische sfeer waar ze betaald worden voor hun werk. Vraag is wat daarvan de gevolgen zijn, maar ook of zij en hun omgeving dat zelf willen. Gender roept immers veel weerstand op in de lokale cultuur en daarom moeten we zeer omzichtig te werk gaan.”

Ortwin Huysmans: “Dat hebben wij ook zo ervaren. Ik koesterde al langer een fascinatie voor Ethiopië omdat het een uniek land in Afrika is. Het is nooit gekoloniseerd geweest en daar zijn de mensen best trots op. De rijke lokale cultuur is minder beïnvloed door westerse culturen dan elders. Daardoor hebben mensen een sterke, authentieke identiteit. Hoe zij een vrouw zien in de maatschappij verschilt fundamenteel van onze visie. Het is boeiend om met zo’n energieke, veerkrachtige en vindingrijke mensen in dialoog te gaan over een belangrijke maar ook mateloos complexe problematiek als gendergelijkheid.”

Sarah De Smet: “Ja, want dat is precies wat we doen. Via de beproefde PALS-methodologie (Participatory/Gender Action and Learning) gaan we in gesprek met de mensen en laten we hen aan de hand van tekeningen meedenken over fundamentele vragen rond gendergelijkheid. Waarom we hen laten tekenen? Omdat we op die manier ongeletterden evenveel kansen geven om hun mening te uiten als geletterden. Het is een uitdaging, vooral omdat zowel de methodologie als de inhoud nieuw is voor velen en er hier en daar bijgeschaafd moet worden om het beter in de lokale context in te bedden. De resultaten zijn overwegend positief: 40% van de ondervraagden gaven aan dat er een betere verstandhouding is thuis en 25% getuigde zelfs dat er een minder strikte rolverdeling is tussen mannen en vrouwen. De helft van de vrouwen genoot ook meer respect en status in hun dorp en twee derde van de mannen had hun alcoholgebruik teruggebracht. Tegelijk brengt de methodologie ook een aantal obstakels met zich mee.”

“We werken met verschillende mensen uit verschillende dorpen. Zoiets praktisch organiseren is een uitdaging, maar de methodologie impliceert ook een individuele aanpak – typisch een westerse insteek. Terwijl hier nu net de groep, het collectieve overheerst op het individu. Elke gemeenschap heeft een eigen dynamiek en relaties zijn enorm belangrijk in alles wat mensen doen en zeggen. Daarom suggereerden de studenten terecht om bij een volgend onderzoek met mensen uit één dorp te werken.”

“De studenten hebben ook dieper gegraven naar wat een ngo en de community zelf wil.”

Ortwin Huysmans: “Een ander voorbeeld is het aspect tijd. Voor westerlingen is dat een lineair gegeven, maar hier bekijkt men alles meer cyclisch. Op tijd heb je geen controle, maar dat is voor hen niet erg want alles komt terug - denk bijvoorbeeld aan de seizoensgebonden landbouw. Je kan je wel voorstellen dat dat best een pittige uitdaging vormt als je maar een maand hebt om je in zo’n project vast te bijten (lacht). We hebben in ons onderzoek vaak geworsteld met de culturele verschillen wat betreft perceptie van tijd, sociale relaties en individualisme.”

De bevindingen van de studenten kwamen dus overeen met wat u ook al ervaren had. Zijn er ook verrassende conclusies?

Sarah De Smet: “Absoluut. Ik had gehoopt dat de studenten waardevolle suggesties zouden aanbrengen om de methodologie aan te passen voor toekomstig onderzoek en dat hebben ze uitstekend gedaan. Een andere, meer verrassende uitkomst was dat ze dieper gegraven hebben naar een fundamentele verklaring voor wat een ngo wil en wat de community zelf wil. Ze hebben in zekere mate bevestigd wat ik zelf dacht, maar ik kon het nooit echt benoemen. Ik ben dan ook heel blij met dit initiatief. Deze drie zeer gemotiveerde studenten hebben een frisse blik binnengebracht in het project en ik had oprecht spijt toen ze terug naar huis vertrokken.”

Ortwin Huysmans: “Voor ons was het ook een onvergetelijk avontuur. In dit multidisciplinair project kwam zoveel samen: sociologie, antropologie, psychologie, ethiek… Zelf ben ik altijd al geïnteresseerd geweest in gender, sociale mobiliteit en non-profit. De werkwijze van een ngo moet continu kritisch opgevolgd worden om te controleren of het beoogde doel effectief wordt bereikt. Ik ben blij dat ik heb kunnen proeven van de boeiende en complexe wereld van de ngo’s. Alles is grillig, niks is zeker en je weet nooit wat de dag brengt, maar de voldoening is bijzonder groot. Ik vind het heel knap dat Vlerick dergelijke projecten ondersteunt, want het verrijkt je wereldbeeld en laat je toe om fundamentele problemen als armoede en genderrelaties op een andere, meer genuanceerde manier te ontdekken.”

Gerelateerd nieuws

  1. “Een stabiel inkomen voor 192 chiliboeren in Rwanda”

    Datum: 03-09-2018
    Categorie: Nieuws over onze studenten
    “We hadden met het nagelnieuwe Spices Rwanda nog geen zaadje van onze duurzame chilipepertjes in de grond geduwd, of de markt kelderde!”, herinnert Jan Wolthers van Inclusive Trading Group zich. Gelukkig was er het contact én de klik met drie Vlerick-studenten: hoe kon Spices Rwanda alsnog als een duurzame onderneming overleven?
  2. Internationale expansie? Studenten wijzen de weg

    Datum: 20-11-2017
    Categorie: Nieuws over onze studenten
    Teamleader is het Gentse SaaS-technologiebedrijf achter de gelijknamige cloudoplossing voor CRM, projectmanagement, sales, tijdregistratie en facturatie. Sinds de oprichting in 2012 kende Teamleader een snelle groei. Vandaag is het een van onze meest succesvolle scale-ups. “We zijn gestart in België en intussen zijn we actief in zes landen”, zegt CEO en co-founder Jeroen De Wit. “We hebben de ambitie om Europees marktleider te worden, dus willen we ons afzetgebied uitbreiden naar andere landen. De vraag is welke?” Het in-companyproject van Masters in Financial Management-studenten Louis Gabriels en Frederic Keereman resulteerde in een shortlist.
Alle artikels