Slechts 38% van de ondernemers die een bedrijf met veel potentieel opstarten, koestert ook veel groeiambities

De Rising Star Monitor 2020 brengt aan het licht dat ongeveer één op twee ondernemingen met veel groeipotentieel volledig intern wordt gefinancierd. Meer dan 90 procent van de jonge bedrijven met veel potentieel die geen gebruik maakte van externe financiering, deed er zelfs geen aanvraag voor. Ongeveer drie op vier bedrijven doen dat niet omdat ze menen dat ze er geen behoefte aan hebben. Verder vragen ondernemers geen bankfinanciering omdat ze denken dat hun financiële historiek niet toereikend is, omdat de procedure om subsidies aan te vragen volgens hen te omslachtig is, omdat ze vrezen de controle te verliezen aan durfkapitalisten en business angels, en omdat ze crowdfunding als te tijdrovend beschouwen.

De inzichten in de vijfde editie van de Rising Star Monitor, een onderzoek van Vlerick Business School en Deloitte Belgium, zijn gebaseerd op gegevens, verzameld bij 168 jonge Belgische bedrijven met veel potentieel in een brede dwarsdoorsnede van sectoren met een gemiddelde leeftijd van 2,7 jaar en 279 oprichters.

In het licht van de COVID-19-crisis richt de editie van dit jaar zich op bedrijfsfinanciering, omdat ze een essentieel bedrijfsinstrument is en de brandstof vormt voor de groei van ondernemingen.

Sam Sluismans, Partner bij Deloitte Belgium: “Elk jaar levert de Rising Star Monitor interessante inzichten in de trends en uitdagingen waar jonge Belgische bedrijven met veel potentieel mee te maken krijgen. Dit jaar is de COVID-19-pandemie uiteraard een aandachtspunt maar ook bedrijfsfinanciering met het oog op het verzekeren van voortdurende groei. Interessant genoeg heeft het gegeven dat we ons in een diepe gezondheids- en economische crisis bevinden de groeiambities van de ondernemingen niet in grote mate aangetast. Toch geeft de analyse te zien dat er voor hen kansen liggen om meer en beter gebruik te maken van externe financiering. Een gebrek aan kennis of misvattingen zijn de belangrijkste redenen waarom bedrijven met veel potentieel er vaak niet in slagen om hun voordeel te doen met bedrijfsfinanciering.”

COVID-19 heeft geen grote impact gehad op de groeiambities

Onze Rising Star Monitors hebben aangetoond dat de meeste bedrijven met veel potentieel geen hoge groeiambities koesteren. In 2020 heeft slechts 38 procent hoge groeiambities, terwijl de meeste ondernemers hun bedrijf het liefst op een niveau willen houden dat ze zelf kunnen beheren.

In vijf jaar tijd willen bedrijven met veel groeipotentieel 33 extra werknemers aanwerven (versus slechts 2,6 voor bedrijven met weinig groeipotentieel), wat vijf keer minder is dan vorig jaar. Als het echter gaat over verkoop, willen ze groeien met 9,4 mln EUR (vergeleken met 5,8 mln vorig jaar).

Veroniek Collewaert, professor Ondernemerschap en partner aan Vlerick Business School: “Zoals we elders vaststellen, gaan scale-ups die worden geconfronteerd met COVID-19, tijdelijk hun groeiambities op een lager pitje zetten als het gaat om aanwervingen. Dit is verstandig omdat ze trachten hun operationele kosten te beperken in het licht van deze crisis. Maar dit vertaalt zich niet in de groeiambities voor hun verkoop, die hun hoge verwachtingen voor de toekomst weerspiegelen.”

Eén op twee bedrijven met veel potentieel wordt volledig intern gefinancierd

Ondanks populaire verhalen over fundraising heeft slechts één op twee bedrijven met veel potentieel geld opgehaald bij minstens één externe financieringsbron, waaronder bronnen zoals familie en vrienden. De vaakst gebruikte externe financieringsbron is bankschuld (35 procent van de bedrijven met veel groeipotentieel), gevolgd door overheidssubsidies (31 procent). Eén op vier bedrijven met veel potentieel bekwam externe financiering. Wat dat betreft, zijn Belgische scale-ups vergelijkbaar met hun Europese tegenhangers.

Voor bedrijven die gebruik hebben gemaakt van externe financiering is het gemiddeld opgehaalde bedrag het hoogst voor durfkapitaal (€938.000), gevolgd door zakelijke/strategische investeerders (€492.000), business angels (€419.000), subsidies (€348.000), bankschuld (€230.000), andere externe bronnen (€169.000), crowdfunding (€106.000) en accelerators of incubators (€19.000).

Niet gebruikt betekent niet aangevraagd

Meer dan 90 procent van de jonge bedrijven met veel potentieel, die geen gebruik hebben gemaakt van externe financiering, heeft deze zelfs niet aangevraagd. Ongeveer drie op vier bedrijven deden dat niet omdat ze vinden dat ze het niet nodig hebben.

De andere belangrijkste redenen om geen externe financiering aan te vragen, hingen af van de beoogde financieringsbron: voor bankfinanciering was het een gebrek aan financiële historiek, voor subsidies werd de procedure als te omslachtig beschouwd, voor business angels en durfkapitalisten bestond de vrees op controleverlies, en crowdfunding werd als te complex en te tijdrovend gezien.

Twee op drie bedrijven met veel groeipotentieel willen in de toekomst externe financiering ophalen; daarbij wordt vooral gedacht aan bankschulden. Gemiddeld wil ongeveer de helft van de bedrijven tussen €100.000 en €500.000 ophalen.

Ondernemers hebben een goede financiële kennis maar er is ruimte voor verbetering

De meeste ondernemers geven aan dat ze de verschillende financieringsbronnen kennen, maar ongeveer 15 procent van de bedrijven met weinig groeipotentieel en 7 procent van de bedrijven met veel groeipotentieel hebben geen kennis van gangbare financiële concepten zoals samengestelde interest.

Veroniek Collewaert: “Het goede nieuws is dat de grote meerderheid van de ondernemers gelukkig weet heeft van de financiële basisconcepten. Maar als tot 15% van de ondernemers niet weet wat samengestelde interest betekent, moeten we ons zorgen maken over de populariteit van schuld. Het betekent immers dat ze de implicaties van het aangaan van schulden niet volledig begrijpen.”

Oprichters van bedrijven met veel groeipotentieel hebben een hoger niveau van kennis van financieel beheer, competenties die de waarschijnlijkheid van de bereidheid tot externe financiering in de toekomst groter maken.

Tweeënzeventig procent van de jonge bedrijven met veel potentieel had vóór de oprichting minstens een bepaalde vorm van sociaal contact met een financiële professional ter aanvulling van hun knowhow.

Het bedrag van het basisloon is laag

Bij de oprichting keren de oprichters zichzelf gemiddeld ongeveer €34.000 per jaar uit. Interessant is dat oprichters van bedrijven met weinig groeipotentieel zichzelf meer betalen, ongeveer €44.000 (gemiddeld: €25.000), terwijl oprichters van bedrijven met veel groeipotentieel ongeveer €23.000 ontvangen (gemiddeld: €0).

Voor oprichters van beide bedraagt het minimumbasisloon €0, terwijl het maximumbasisloon hoger ligt voor de oprichters van bedrijven met weinig groeipotentieel (€600.000) dan voor de oprichters van bedrijven met veel groeipotentieel (€190.000).

De Rising Star Monitor maakt deel uit van Entrepreneurship 2.0. Met dit initiatief willen Vlerick Business School en Deloitte Belgium belangrijke kennis opdoen over de voornaamste moeilijkheden waar jonge bedrijven met groeipotentieel in ons land mee kampen. Ook de Scale-Up Masterclass maakt hier deel van uit.

Click

Download de Rising Star Monitor

* {0} moet ingevuld zijn.
* {0} moet ingevuld zijn.
* {0} moet ingevuld zijn.

Je kan – op elk moment – jouw toestemming voor het gebruik van jouw persoonsgegevens voor de hiervoor opgesomde doeleinden intrekken door een e-mail te sturen naar [email protected]. Leer meer over jouw rechten en het gebruik van jouw persoonsgegevens in ons privacy beleid.

Accreditaties
& rankings

Equis Association of MBAs AACSB Financial Times