Wat levert research rond Enterprise Architecture op voor de dagelijkse praktijk?

Webinar rewind met Professor Stijn Viaene en Professor Geert Poels

Hanna Buyssens

Door Hanna Buyssens

Doctoral Researcher, Digital Transformation

27 oktober 2022
webinar-rewind-stijn-viaene-geert-poels

Wat is de relevantie van het academische onderzoeksdomein Enterprise Architecture en wat levert het concreet op voor de dagelijkse praktijk? Deze vragen kwamen aan bod in een webinar georganiseerd door het Vlerick Centre for Enterprise Architecture and Digital Design. Tijdens de webinar besprak Stijn Viaene, Professor digitale transformatie aan Vlerick Business School en aan de KU Leuven, samen met Geert Poels, Professor beleidsinformatica en directeur van de Business Informatics Research Group van de UGent, enkele van die onderwerpen. Professor Poels houdt zich grotendeels bezig met onderzoek naar Enterprise Architecture (EA). In deze webinar lichten ze toe wat EA-onderzoek precies inhoudt en hoe het zich de voorbije jaren heeft ontwikkeld. De webinar omvat ook interessante inzichten over wat enterprise architects kunnen leren van academisch onderzoek en vice versa.

Video still - Webinar Rewind - Enterprise Architecture Geert Poels

Wat levert research rond EA op voor de dagelijkse praktijk?

Tijdens deze webinar bespraken professor Stijn Viaene (Vlerick) en professor Geert Poels (UGent) de relevantie van het academische onderzoeksdomein Enterprise Architecture voor de dagelijkse praktijk.

Waar praktijk en onderzoek elkaar ontmoeten

Enterprise Architecture is als onderzoeksdomein ontstaan uit de praktijk. Dat brengt heel wat kansen en uitdagingen mee voor onderzoekers in dit vakgebied. Professor Poels: “Interessant genoeg bestaat er weinig wetenschappelijke theorie over enterprise architecture, waardoor het een controversieel onderzoeksdomein is. Vooral wat betreft de raamwerken is er een duidelijk gebrek aan academisch onderzoek. De klassieke EA-handboeken zijn geschreven door praktijkmensen. Er is dus nog veel research nodig om die theorieën te toetsen aan de praktijk. Hierdoor heeft EA het echter ook moeilijk om ernstig genomen te worden door zowel academici als praktijkmensen. Academici beschouwen EA-onderzoek als te praktisch en te toegepast, terwijl praktijkmensen het afdoen als te theoretisch en te abstract.”

Enterprise architecture versus enterprise architecture management

Professor Poels heeft het ook over het verschil tussen enterprise architecture (EA) en enterprise architecture management (EAM). Hij legt het als volgt uit: “Onderzoek naar enterprise architecture stamt vooral uit Engineering en Computer Science. Door de focus op bedrijfsinformatica draait het vooral om technische elementen, methodes, technieken en tools, kortom de instrumenten die de architects gebruiken. Bijgevolg ligt de nadruk vooral op de modelleringsaspecten van het vakgebied en niet op de praktische toepassing ervan in een bedrijfscontext. Dat is namelijk het domein van enterprise architecture management, dat focust op de analyse en de toepassing van EA binnen de bedrijfscontext. EAM gaat na hoe EA in de praktijk wordt gebracht en onderzoekt welke waarde en voordelen het kan bieden voor een bedrijf.”

Volgens professor Poels kampen EA en EAM als vakgebieden met een aantal belangrijke uitdagingen. De grootste daarvan is dat de voordelen van EA voor een bedrijf moeilijk meetbaar zijn. Hij verwoordt het als volgt: “Architectuur is een facilitator die veel zaken mogelijk maakt, maar de directe voordelen ervan zijn moeilijk te meten. De voordelen zijn vaak indirect en worden pas zichtbaar op lange termijn, waardoor je ze moeilijk kunt becijferen. In plaats van zich af te vragen wat de voordelen van EA zijn, zou EAM zich beter afvragen wat er zou gebeuren als enterprise architecture er niet was. Wat zijn de opofferingskosten?”

Existentiële vragen en digitale transformatie

Door de jaren heen worstelde enterprise architecture met verschillende existentiële vragen, zowel binnen het onderzoeksdomein als in de praktijk. Professor Poels legt uit dat sinds de opkomst van het Zachman Framework in 1987, EA-onderzoekers en ‑praktijkmensen voortdurend geprobeerd hebben het vakgebied te (her)definiëren. De discipline ging door drie verschillende fasen, waarbij de nadruk telkens ergens anders kwam te liggen. Eind jaren tachtig, begin jaren negentig werd vooral geprobeerd om de essentie van EA te achterhalen: waar gaat het om? Toen daar geen eenduidig antwoord op kwam, verschoof de nadruk naar de gebruikte modellen, tools en raamwerken in EA. De laatste 10 tot 15 jaar kwam de focus te liggen op enterprise architecture management.

Professor Poels voegt er nog aan toe dat die evolutie niet betekent dat de existentiële vragen nu beantwoord zijn. Integendeel: mensen worstelen nog steeds met de vraag wat EA precies is en wat het voor hun organisatie kan betekenen. De context is echter veranderd, en bijgevolg zijn de vragen binnen enterprise architecture mee geëvolueerd. Volgens professor Poels zijn de meest pertinente onderzoeksvragen van EA vandaag wat EA betekent voor digitale transformatie en wat de rol is van de enterprise architect. Volgens hem bestaat die rol uit drie pijlers. "Ten eerste moeten enterprise architects een adviserende rol vervullen om de strategische richting van het bedrijf te helpen bepalen. Dat betekent niet dat ze de besluitvormers zijn, maar dat ze het management adviseren om de juiste beslissingen te nemen. Ten tweede moeten ze het bedrijf ook door de digitale transformatie loodsen met roadmaps en planningstools. Tot slot moeten enterprise architects de regie op zich nemen en zorgen dat alles volgens plan wordt uitgevoerd.”

Mensen centraal

Om af te sluiten raadt professor Poels bedrijven aan om voor hun EA niet uitsluitend te vertrouwen op de methodologieën en raamwerken, die niet het resultaat zijn van onderzoek. Uit recente studies blijkt immers dat wat door die raamwerken wordt gepredikt, vaak helemaal niet door bedrijven wordt toegepast. Bedrijven moeten ze dus niet blindelings volgen. De studies benadrukken het belang van menselijke vaardigheden boven raamwerken en tools. Afsluiten doet hij met de volgende woorden: “De sleutel tot een succesvolle enterprise architecture is beschikken over de juiste mensen met de juiste vaardigheden. Enterprise architects overzien alles. Ze moeten dus een aantal jaren ervaring op de teller hebben in verschillende domeinen en functies. Ze moeten veerkrachtig maar wendbaar zijn, en creatief maar systematisch, zonder het grotere geheel uit het oog te verliezen. Ze moeten het vooruitzicht ingang doen vinden dat er innovatiegericht wordt gewerkt, en voluit gaan voor innovatie in plaats van enkel de rendabiliteit aan te tonen. Dat is geen sinecure en er is heel wat expertise voor nodig. Ik ben niet van mening dat enterprise architects er enkel zijn om complexiteit aan te pakken. Ze staan nu eenmaal voor complexe problemen, en complexe problemen vereisen vaak complexe oplossingen.”

Neem contact op!

Stijn Viaene

Stijn Viaene

Professor of Digital Transformation